Rhizoctonia solani (lakschurft) in de aardappelteelt

Rhizoctonia solani komt voor op aardappels, maar ook op andere gewassen zoals andijvie, boon, tarwe, suikerbiet en bloemkool. Op ieder gewas komt meestal een eigen type voor die niet schadelijk is voor andere gewassen. De Rhizoctonia solani AG 3 heeft alleen aardappel als waardplant. De mate van grondbesmetting met R. solani AG 3 is dan ook sterk gekoppeld aan de hoogte van de teeltfrequentie. Rhizoctonia in de aardappel kan veel schade veroorzaken, zowel door opbrengstverlaging als door kwaliteitsverlies. Om schade te beperken zijn er verschillende beheersmaatregelen mogelijk. Met behulp van het puntensysteem van Lamers kan eenvoudig bepaald worden hoe groot het risico op schade is. Ook is daarmee snel te zien welke maatregelen getroffen kunnen worden om het risico op schade te verminderen.

Schade
Kiemen en jonge stengels van aardappelen, inclusief stolonen, worden aangetast waardoor productieverlies (lagere opbrengst, lager onderwatergewicht, ongunstigere sortering en knolmisvormingen) ontstaat. In een later stadium wordt op de stengel van de aardappel vaak een witte of grijze manchet gevormd. Op de knol worden sclerotiën gevormd (lakschurft). Op deze wijze kan via het pootgoed de schimmel van het ene naar het andere perceel worden gebracht
.

lakschurft op aardappel


Grondsoort en organische stof
Over het algemeen komt de ziekte meer voor op de lichte zand- en zavelgronden dan op de klei- en leemhoudende gronden. Bovendien is rhizoctonia minder problematisch op percelen met een hoger organisch stofgehalte. Ook het veelvuldig telen van groenbemesters stimuleert het bodemleven en draagt bij aan een afname van rhizoctonia.

Pootgoed
Rhizoctonia solani kan meekomen met het pootgoed. Een ruime vruchtwisseling is gunstig voor de afname van de populatie van de schimmel in de bodem. Daarnaast is het van belang om onaangetast pootgoed te gebruiken. Het is verstandig om bij aflevering van het pootgoed op het bedrijf te controleren op aanwezigheid van rhizoctonia.

Oogst
loofaantasting door RhizoctoniaRhizoctonia kan in de periode na loofdoding en voor de oogst snel uitbreiden. Is het ras gevoelig voor rhizoctonia, komt rhizoctonia in het pootgoed voor of komt de ziekte op het bedrijf veel voor, rooi dan tijdig. Loofdoding, gecombineerd met wortel snijden, looftrekken of groenrooien, kan de aantasting enigszins beperken. Probeer hierbij rooibeschadiging te voorkomen.

Toepassing van een antagonist
Er is veel onderzoek gedaan naar de toepassing van een antagonist tegen Rhizoctonia solani. Behandeling van pootgoed tegen lakschurft met een antagonist heeft nog geen toelating in Nederland, maar heeft wel een aangetoond effect als knolbehandeling bij het poten. In combinatie met groenrooien is het zeer effectief.
 

 
 Kernpublicaties
Rhizoctonia solani: Grondbesmetting gekoppeld aan teeltfrequentie (bioKennis bericht)
 Meer publicaties
Rhizoctonia-decline in aardappelen in de biologische landbouw: met eigen pootgoed minder Rhizoctonia (rapport Wageningen UR)
Toepassingsmogelijkheden van ziektewering in de praktijk (artikel Gewasbescherming)
Bodemweerbaarheidstoets voor Rhizoctonia solani (artikel Gewasbescherming)
Beheersing Rhizoctonia in zetmeelaardappelen: resultaten 2009 (rapport Wageningen UR)
Intrinsieke weerbaarheid van de bodem tegen Rhizoctonia solani  (flyer Wageningen UR)
Bodemweerbaarheid: minder Rhizoctonia-aantasting door aanwezigheid van bodembacteriën (artikel Ekoland)
Bodemweerbaarheid tegen Rhizoctonia solani AG 2-1 in bloemkool (artikel Gewasbescherming)
Bodemweerstand tegen Rhizoctonia solani AG 2-2IIIB is onafhankelijk van rotatie (artikel Gewasbescherming)
   
Meer publicaties in de bioKennis Mediatheek

Trefwoorden: lakschurft, Rhizoctonia solani, grondbesmetting, teeltfrequentie, ziekteverwekker,
                      bodemweerbaarheid

 Dossier nieuwsberichten
16-04-2009  Bodemweerbaarheid: natuurlijke grondbacterie bestrijdt schimmel

 Lopende projecten

Er zijn geen lopende projecten

 Contactinformatie

Jan Lamers, Wageningen UR