De afgelopen jaren is er intensief samengewerkt tussen de biologische sector en de kennisinstellingen Wageningen UR en Louis Bolk Instituut (LBI). Het ministerie van LNV en later EL&I ondersteunde dit onderzoek financieel. Janny Gooijer (EL&I, Directie Agrokennis), Bavo van den Idsert (Bionext) en Frank Wijnands (Wageningen UR) gaven elk kun kijk op deze manier van samenwerken en de effecten van deze aanpak in het onderzoek en in de praktijk.
Praktijkverhalen
Dagvoorzitter Uli Schnier gaf streng maar speels leiding aan de discussie die ontstond na elke spreker en nodigde de tweede helft van de ochtend de deelnemers uit voor een workshopreeks. Hier werden in een kleinere setting verhalen verteld over de innovaties die de afgelopen jaren hebben opgeleverd en hoe praktijk en onderzoek daarvoor hebben samengewerkt. De onderwerpen varieerden van de opfok van biologische legkippen, veredeling voor de biologische teelt, verpakkingen, bodembeheer tot nieuwe stalsystemen voor familiekuddes. De praktijkervaringen gaven weer aanleiding tot verhalen van de deelnemers en genoeg stof tot praten tijdens de scharrellunch met diverse biologische hapjes en drankjes.
Ons Eten
Onder het motto ‘Minder is meer’ startte het middagprogramma met twee sprekers. Mac van Dinther, ‘eetjournalist’ van de Volkskrant, heeft onderzoek gedaan naar de ontstaansgeschiedenis van de ingrediënten een echte Hollandse maaltijd: tomaten(soep), varkensvlees, aardappels, sla, zuivel en schreef hierover het boek ‘Ons Eten’. Hij vertelde zijn gehoor over de levens van de varkens Ada en Eva, die hij had gevolgd. Ada is opgegroeid op een gemengd biologisch bedrijf. Als biggetje had ze stro in het mesthok, toen ze groter was kon ze naar buiten lopen en werd ‘volwassen’ in een mesthok met 2,5 m2 ruimte voor haarzelf. Eva komt van een gangbaar varkensbedrijf. Haar moeder stond in een beperkt kraamhok op roosters en als tiener groeide ze op in met een biggenstal met 120 soortgenoten. In het mesthok had ze 0,8 m2 tot haar beschikking. Zowel Ada als Eva eindigden op dezelfde slachtlijn van de VION in Groenlo. Tot zijn verbazing en die van zijn medeproevers konden ze geen verschil proeven in de karbonades van Ada en Eva.
Voor zijn project heeft hij in de keuken gekeken bij de grootste (Unox) en de kleinste soepfabriek van Nederland. Hij bezocht twee aardappeltelende buurmannen in de Flevopolder; de een volgens de biologische en de ander volgens gangbare principes. Hij bekeek hoe sla voor AH en hoe sla voor de biologische supermarkt wordt geteeld en hij verdiepte zich in de zuivelbereiding voor het merk Campina en voor Zuiver Zuivel. Hij constateerde de tegenstellingen grootschalig of ambachtelijk en natuur of productie. Hij kwam tot de slotsom dat al ons eten wordt gemaakt door mensen. Volgens hem moeten biologisch en gangbaar elkaar niet zien als vijanden, maar als bondgenoten. Ook stelde hij dat de consument geen onschuldige, willoze afnemer is, maar deel uitmaakt van het proces. Zijn slogan: ‘Verbeter de Wereld, Koop goed voedsel’.
Maatschappelijke bijdrage
Henk Gerbers, voorzitter van de stichting Merkartikel Bio+, nam onlangs de prijs in ontvangst voor het merk met de grootste maatschappelijke bijdrage van de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI). Deze prijs verbaasde Henk zelf ook, temeer omdat Bio+ samen met Becel en Campina genomineerd was. Henk vertelde hoe het merk producenten en retailers wil verbinden om het biologische product beschikbaar, herkenbaar en betaalbaar te maken voor de consument. Door samenwerkingen voor een periode van drie jaar af te sluiten met biologische boeren is vanaf 2004 een groeiend assortiment van Bio+ merkartikelen ontstaan. Eerst alleen met verse producten als eieren, melk en zuivelproducten, maar het assortiment bevat ondertussen ook droge kruidenierswaren. Het merk is uitgegroeid tot een hip en eigentijds merk en blijkt de light-user van biologische producten aan te spreken. Hij vertelde dat consumenten van Bio+ het merk vaak ervaren als het eigen biologische merk van hun supermarkt, terwijl het bij meerdere supermarkten wordt verkocht. Kopers van Bio+ blijken biologisch vaak te associëren met lekker. Het merk richt zich nu onder andere op duurzame verpakkingen. Verpakking blijkt een irritatiefactor en speelt een rol bij de aankoop van biologische producten.
Backstage
Naar aanleiding van de voordracht van Henk Gerbers ontstond een discussie over het gewenste tempo van omschakelen van boeren op biologisch. Henk hoopte op een dialoog tussen boeren en verwerkers om tot een verantwoord tempo te komen. De vraag uit de markt speelt daarbij een bepalende rol volgens Henk. Hij constateert dat de vraag naar biologisch blijft groeien, ondanks de huidige ‘recessie’. Backstage werd met beide middagsprekers nagepraat ontstonden soms pittige discussies, in het geval van Mac van Dinther over de haalbaarheid van de slogan ‘2x meer met 2x minder’, over de bitterheid bij gangbare collega’s en het effect van transparantie van je bedrijf.
Ambities
Aan het einde van de middag kwamen alle deelnemers nog eens plenair bij elkaar en gaven enkelen een reactie op de dag. De bezoeker van de Belgsiche Boerenbond vond het erg interessant om te kijken en te leren ‘wat er in Nederland aan het gebeuren is’. Hij hoopte er zeker zaken uit te kunnen halen voor de Vlaamse situatie. Chris Koopmans van het Louis Bolk Instituut bedankte iedereen voor zijn of haar inbreng in de afgelopen tien jaar en constateerde dat de beoogde kraamkamerfunctie van biologisch goed is benut. Hij benadrukte vooral om door te gaan met werken vanuit verbinding die volgens hem de sleutel is tot succes.
Directeur van Bionext Bavo van den Idsert vatte de ambities voor de toekomst voor biologisch samen als doorgaan met het streven naar de kampioen van de duurzame meerkamp. Hij vindt de slogan “meervoudig onverzadigd duurzaam” van toepassing op de biologische sector.
Alle deelnemers gingen naar huis met diverse publicaties die allemaal te vinden zijn op de website www.biokennis.nl.