Go-Organic 2009; waarover spraken zij?
- Sector:
-
Akkerbouw en groente
30-10-2009
Onder de titel Go-Organic 2009 organiseerde de Asia-Pacific Economic Cooperation (APEC) een driedaagse conferentie in Bangkok, Thailand om biologische landbouw in die regio te stimuleren (www.goorganic2009.com) . Steven Groot, onderzoekscoördinator van Biologisch Uitgangsmateriaal, signaleerde er zaken, die momenteel ook in Nederland in onderzoek zijn. De uitwisseling van kennis op dit terrein kan het Nederlandse onderzoek verder versterken.
Verhoging koolstofgehalte
Diverse sprekers wezen op het positieve effect van verhoging van het koolstofgehalte in de bodem op opbrengst, vochtvasthoudend vermogen van de bodem en erosiegevoeligheid.
Ze noemden maatregelen om de hoeveelheid organische koolstof versneld omhoog te brengen als:
- resten van gewas of onkruiden inbrengen
- niet ploegen, dus wortels van het vorige gewas niet dieper in de bodem brengen
- biohoutskool (bio char) in de bodem brengen
- maaisel op het land laten liggen
Het koolstofgehalte van de bodem neemt met deze maatregelen maar zeer langzaam toe (ongeveer 1% per jaar), afhankelijk van de inbreng van organisch materiaal en achterblijven van wortelstelsel van de gewassen. Steven: “Het verhogen van vochtvasthoudendend vermogen van bodems door koolstof kan ook interessant zijn voor ons. Het is hier niet zo extreem als in Australië, maar wij hebben soms ook te maken met langdurige droge perioden.”
Ziektewering en (biologische) zaadproductie
Op de conferentie werd ook het positieve effect van organische stof op de micro-flora en ziektewerendheid van de bodem gepresenteerd aan de hand van koude kieming van maïs. Bij kieming in grond van een (biologische) akker met een hoog gehalte aan organische koolstof, trad veel minder uitval op door schimmelinfectie (Pythium) dan in grond met een lager organisch koolstof gehalte. Steven: “Die verhoogde ziektewering kan er ook de oorzaak van zijn dat selectie van gewassen op biologische grond ook bij ons soms andere resultaten geeft dan bij selectie op de gangbare grond. Mogelijk is er ook minder uitval en een betere opbrengst bij zaadteelt op biologische grond met een hoger organisch koolstof gehalte, bijvoorbeeld door een lange geschiedenis van biologische teelten.”
Achtergrond onderzoekers
Steven constateert dat Nederlandse onderzoekers in de biologische landbouw vaak afkomstig zijn uit de gangbare landbouw, maar wel interactie hebben met de biologische sector. Steven: “Zij kennen vanuit die ervaring de beperkingen van bepaalde methoden. In Thailand vertelden onderzoekers dat ze chitine hadden gewonnen uit garnalenschillen. Chitine zou de weerstand van planten verhogen en dus gebruikt kunnen worden in de biologische teelt. Zij hadden echter die chitine gewonnen met behulp van zwavelzuur. Deze onderzoekers waren niet bekend met het principe dat het hele productieproces vrij moet zijn van chemische middelen.”
Contact informatie:
Steven Groot, Wageningen Seed Centre van Wageningen UR