Natuurlijk Groenbemesten

Sector:
Bodemvruchtbaarheid
21-5-2010 De regels voor bemesting worden steeds strikter. Dit geldt voor de reguliere mestregels waarbij vooral fosfaat beperkingen geef. Maar ook voor de aanvullende regels voor biologische bedrijven waar het om stikstof draait. Dit vraagt van zowel veehouderijbedrijven als plantaardige bedrijven om bijstellingen. Het gebruik van groenbemesters en de voor- en nadelen ervan, was het thema van de Biologische Velddag van 23 juni jl. op de Broekemahoeve.

De fosfaatruimte wordt afhankelijk van de fosfaattoestand van de percelen. Zolang het Pw getal niet bekend is, geldt Pw > 55.

Onderstaande tabel geeft aan welke ruimte aanwezig is.

Tabel 1. Fosfaatruimte voor verschillende percelen

        Ruimte P2O5 in kg per ha
 2010 2011 2012  2013 
Bouwland Pw <36  85 85  85  85 
Bouwland Pw 36-50  80 75  70  65 
Bouwland Pw >55  75 70  65  55 
Bouwland Pw <27  100 100  100  100 
Bouwland Pw 27-50  95 95  95  95 
Bouwland Pw >50  90 90  85  85 
Vrijstelling Pw<25 PAL<16  120 120  120  120 

A-mestoffen
Voor biologische bedrijven is stikstof (N) de referentie. Veehouderijbedrijven zijn zelf verantwoordelijk voor de afzet van overtollig geproduceerde biologische mest op biologische akkers. Nu verdwijnt er nog biologische mest via mestverwerkende bedrijven in de vorm organische mestkorrels. Onduidelijk is waar deze korrels terecht komen. De veehouder zal zelf moeten aantonen op welke biologische grond zijn mest geplaatst is. Dit vraagt om korte, transparante en geborgde afzetlijnen.

Voor de gebruiker van mest geldt dat minimaal 50% van de gebruikte stikstof afkomstig is van A-meststoffen. Dat is mest afkomstig van biologisch gecertificeerde dieren of compost afkomstig van biologische productie. Tot 2012 mag groencompost ook deels worden gerekend als A-meststof, mits deze alleen bestaat uit maaisel en snoeihout. Het percentage van 50% gaat in de toekomst omhoog. Alle gedroogde en/of samengestelde hulpmeststoffen worden veelal als B-meststof aangemerkt.

Bovengenoemde regels vraagt van bedrijven met veel stikstof vragende gewassen in het bouwplan om aanpassingen. Dit kan zijn minder intensief bouwplan en/of meer groenbemesters. Vooral vlinderbloemige groenbemesters zijn in staat stikstof te vangen waardoor minder stikstofhoudende mest aangevoerd hoeft te worden. Het gebruik van groenbemesters en de voor- en nadelen ervan, was het thema van de Biologische Velddag van 23 juni jl. op de Broekemahoeve.

Op 25 november is er een open middag op het project BASIS op de professor Broekemahoeve in Lelystad. Vanaf 13.30 uur is er een rondgang langs diverse groenbemesters in niet kerende grondbewerking.

Klik hier voor meer informatie over de biologische velddag.

Contact informatie: Leen Janmaat, Louis Bolk Instituut